Maak een afspraak voor een kennismaking onder het genot van een cafezinho. Wij zijn te bereiken op 06 10019604 of laat hier uw gegevens achter, dan nemen wij contact met u op.

Gesprek met minister Ploumen over Millenniumdoelen

Afgelopen weekend was het weer Festival Mundial. Hét festival in Nederland voor wereldmuziek en bewustwording over internationale samenwerking. Behalve muziek, dans, theater, eten en drinken en koopwaar zijn er ook altijd diverse discussies. Ditmaal ging het over de Millenniumdoelen: de acht afspraken die in 2000 door de Verenigde Naties zijn gemaakt over internationale armoedebestrijding en die in 2015 tot resultaat hadden moeten leiden. Moeten leiden, want de doelen zijn bijna geen van alle gehaald. De armoede is niet gehalveerd en het is maar de vraag of er minder mensen honger hebben. Nog lang niet alle kinderen gaan naar school. Er sterven nog steeds veel kinderen én moeders, mannen en vrouwen zijn lang niet overal gelijkwaardig, er gaan nog steeds veel mensen dood aan ziektes als Aids en malaria, er is op veel plekken nog steeds veel milieuvervuiling die de leefomgeving en toekomst bedreigt en we werken nog steeds niet mondiaal samen aan ontwikkeling. Ik ging met minister Lilianne Ploumen van Ontwikkelingssamenwerking en Buitenlandse Handel en met Maria Kint, anti-Apartheidsactiviste en pleitbezorgster van culturele ontwikkeling, in discussie over hoe verder na de Millenniumdoelen. We bleken het eens over de noodzaak van de doelen maar niet altijd over de manier om ze te bereiken.
 
Zoals de Franse econoom Thomas Piketty onlangs aantoonde na twintig jaar data-onderzoek is de sociale ongelijkheid in de wereld eerder fors toegenomen dan verminderd. Geld, goederen, grond en andere bestaansmiddelen worden steeds ongelijker verdeeld, niet alleen in traditioneel arme streken in Afrika, Aziè en Latijns Amerika maar ook in  de Westerse wereld. Zeker: de economische groei heeft in landen als China, India en Braziliè de middenklasse sterk doen groeien. Tegelijk blijft een grote groep mensen sterk achter in deze groei, niet alleen in gebieden als sub/Sahara Afrika maar ook, en dat is nieuw, in Europa en de Verenigde Staten. Daarom, zo luidde mijn betoog, kunnen we nog zoveel goedbedoelde afspraken maken in VN-verband: als niet tegelijk de financièle en economische wereldorde verandert en met name Westerse landen handelsverdragen blijven opleggen aan zwakkere broeders die vooral het Westen bevoordelen, zullen we er niet in slagen armoede de wereld uit te bannen.
 
Minister Ploumen was het daarmee eens maar benadrukte ook dat er steeds meer voorbeelden van bedrijven zijn die maatschappelijk verantwoord ondernemen en bijdragen aan het verbeteren van de leefomstanidgheden van mensen daar waar ze actief zijn. Ploumen noemde als voorbeeld het Nederlandse bedrijf Heineken dat in Nigeria goede dingen schijnt te doen. Ik zette daar het voorbeeld tegenover van Shell, ook een Nederlands bedrijf, dat in datzelfde land de leefomgeving van heel veel Nigerianen voorgoed verpest door slecht georganiseerde en uitgevoerde oliewinning, geholpen door een corrupte Nigeriaanse elite. Tegelijk verkondigt Shell overal de blijde boodschap van maatschappelijk verantwoord ondernemen. De minister gaf ook het voorbeeld van de KNVB die met inzet van Nederlandse voetballers elders in de wereld arme kinderen laat voetballen en daarmee een positieve boodschap brengt: inzet en samenwerking brengen kansen. Dat is natuurlijk lovenswaardig. Tegelijk zien we momenteel de praktijk van het internationale voetbal in de WK in Braziliè: Naast het miljarden kostende evenement dat vele mensen over de hele wereld veel plezier brengt, veroorzaakt de aanpak van de FIFA veel sociale onrust in Brazilie. Er is de laatste jaren vooral veel geld gegaan naar de bouw van stadions en infrastructuur voor de WK en niet of nauwelijks geinvesteerd in zorg en onderwijs en openbaar vervoer en andere collectieve voorzieningen waar iedereen beter van wordt. Al een jaar lang zijn er door heel Brazilie heftige en massale protesten van studenten, ondernemers, zorgwerkers, onderwijspersoneel en werknemers uit andere sectoren tegen het gebrek aan sociale investeringen terwijl er wel veel geld gaat naar de WK. En het is vooral een toch al welgestelde Braziliaanse en internationale elite die profiteert van de eventuele revenuen van de WK.
 
Maria Kint woont al 25 jaar in Johannesburg in zuid-Afrika. Zij pleit voor investeringen in cultuur en sport aan de basis omdat daardoor veel mensen direct uit een ellendig en kansarm bestaan kunnen worden getild. In de zaal zat toevallig Nanko van Buren, een Nederlander die al decennia in Rio woont en daar met zijn stichting Ibiss probeert kansarme kinderen en jongeren uit de door armoede en drugshandel gedomineerde volkswijken de kans te geven zich door positievere activiteiten als voetbal en cultuur zichzelf een toekomstperspectief te verwerven. Ook Nanko pleitte voor ruim baan voor sport en cultuur. Helaas geeft het huidige kabinet (VVD-PvdA) voorrang aan internationale handel, in de verkeerde veronderstelling dat het daarmee allemaal wel goed komt met de wereld. Dat was ook mijn antwoord op de vraag van gespreksleider Hans Rube wie vooral armoede moet bestrijden (de overheid, het bedrijfsleven en particulieren, internationale instituties of juist het maatschappelijke middenveld (ontwikkelingsorganisaties, mensen zoals Maria en Nanko en evenementen zoals Mundial): Structurele armoedebestrijding en een beter leven voor alle mensen op de wereld kunnen we alleen samen bereiken, dus overheden, particulieren, maatschappelijke organisaties en bedrijven. Maar dan zal iedereen, dus ook de multinationals, zijn verantwoordelijkheid moeten pakken. En zal winstmaximalisatie vaak secundair moeten zijn. En als bedrijven daar niet vrijwillig aan willen, zal de politiek hen daartoe moeten aanzetten door middel van bindende afspraken, wetten, regels. Om met The Scene te spreken: `Iedereen is van de wereld en de wereld is van iedereen...`